Het werkwoord „zijn“ is in het Duits „sein“. In het Nederlands is dit werkwoord sterk. Kijk maar: ik ben – ik was – ik ben daar geweest.

Als een werkwoord sterk is, dan betekent dit dat hij van vorm en klank kan veranderen.

Hoe maak je de tegenwoordige tijd?

Tabel: werkwoord sein in de tegenwoordige tijd.

Hoe maak je de verleden tijd?

Tabel: werkwoord sein in de verleden tijd.